
Het Amazonegebied
Het Amazonegebied is het
grootste tropische regenwoud ter wereld.
De Amazone-rivier en nog
een duizendtal andere rivieren lopen er
dwars doorheen.
Het is er heel warm en het
regent er ontzettend veel. Ideale
omstandigheden dus, zodat het leven er welig
kan tieren! Trek snel je camouflagepak aan
en ga mee op ontdekkingsreis naar de
rijkdommen van het Amazonegebied.
Als je het Amazonegebied
vanuit de lucht bekijkt, zie je een groen
tapijt dat zich eindeloos uitstrekt. Maar
zijn rijkdommen zitten vooral in het water.
Het gebied zit namelijk boordevol rivieren.
Sommige stukken woud stromen elk jaar onder,
soms zelfs tot aan de toppen van de bomen.
Deze omgeving zit vol waterdieren, omdat
hier een schat aan voedsel te vinden is.
 |
In het Amazonegebied leeft de grootste
vis ter wereld: de arapaima. De arapaima
kan 3 meter lang worden en tot 150 kg
wegen. |
|
|
 |
De bekendste vis uit het Amazonegebied
is de piranha. Zijn tanden zijn zo
scherp als een scheermesje. Piranha’s
worden gevaarlijk als er weinig voedsel
te vinden is. Er bestaan zo’n twintig
soorten piranha’s en de meeste voeden
zich met… planten. |
In de rivieren van het
Amazonegebied leven nog andere wonderlijke
dieren, zoals de roze dolfijn (ook wel boto
genoemd), de Amazone-lamantijn en de
reuzenotter (lees de fiche). Je vindt er ook
roofdieren, zoals de zwarte kaaiman (een
krokodillensoort) of de beruchte anaconda,
die ook kan zwemmen als het nodig is.
Als je op de rivieren
vaart, lijkt het woud op een dichte muur van
planten en bomen. Zodra je voet aan land
zet, moet je goed uitkijken. Op het land
leven namelijk 'grote zoogdieren', zoals de
jaguar, de poema en nog vele andere, zoals
de tapir.
 |
Tapirs zijn planteneters. Met hun lange
snuit wroeten ze in de aarde. Tapirs
gaan ’s nachts op zoek naar voedsel. Ze
blijven dan altijd in de buurt van
water. Zodra ze gevaar ruiken, vluchten
ze het water in. |
Eigenlijk leven er in het
woud maar weinig dieren op de bodem. De
meeste wonen hoog in de bomen. We noemen
deze 'laag' van het bos het
hoofdkronendak. Daar is veel voedsel te
vinden: bloemen, vruchten, bladeren. Het is
het universum van de apen.
 |
Brulapen doen hun naam alle eer aan: hun
kreten zijn kilometers ver in de omtrek
te horen. |
|
|
 |
Het nachtaapje is de enige aap in het
Amazonegebied die een nachtdier is. Hij
wordt ook wel 'uilaapje' genoemd. Met
zijn grote ogen kan hij goed in het
donker zien. |
Het hoofdkronendak is ook
het rijk van de vogels. Ze komen er in alle
kleuren en maten voor.
 |
Ara’s zijn grote, kleurrijke papegaaien
met een lange staart. Met hun grote
snavel kraken ze zelfs de hardste noten. |
|
|
 |
In het Amazonegebied leeft ook de
kleinste vogel ter wereld: de kolibrie.
De kolibrie leeft van bloemennectar en
kan stil in de lucht blijven hangen. |
En de mens?
 |
In het Amazonegebied wonen al
tienduizenden jaren inheemse volkeren.
Deze 'Amazone-indianen' leidden meestal
een nomadenleven: ze verbleven enkele
jaren op dezelfde plek. Als het voedsel
schaars werd, trokken ze naar een betere
plaats. Ze overleefden door te jagen, te
vissen en planten te plukken. Maar sinds
de komst van de blanken is er veel
veranderd. De blanken namen op veel
plaatsen de indianen hun gronden af en
dwongen hen in dorpen te blijven. |
O zo belangrijk maar ook
bedreigd.
Het Amazonegebied is erg
belangrijk. We spreken zelfs van de 'groene
long' van onze planeet. Het Amazonewoud
zorgt voor een deel van de zuurstof op
aarde, beïnvloedt het klimaat en is onze
zoetwatervoorraad. En toch is de mens het
aan het verwoesten.
 |
Het Amazonewoud is langzaam maar zeker
aan het verdwijnen. De mens brandt
stukken woud plat om er vee te laten
grazen, of om er gewassen als soja te
kweken. Hij kapt bomen voor het hout -
hout dat ook bij ons in de winkels
terechtkomt. En het gaat snel. Alleen al
in Brazilië is er in 2005 een
oppervlakte Amazonewoud zo groot als
België verdwenen. |
Toch bestaan er
oplossingen.
 |
De mens kan het woud ook gebruiken
zonder het aan te tasten. Dat heet
duurzaam bosbeheer. En dat is waar WWF
zich voor inzet.
Eerst zorgt WWF voor beschermde
gebieden. Zo voorkomen we dat mensen het
woud verder verwoesen. Dan praten we met
de lokale bevolking, en kijken we hoe
die het woud kan gebruiken zonder het te
verwoesten. We leren de mensen welke
bomen gekapt mogen worden. En we tonen
hoe ze bepaalde planten kunnen gebruiken
en verkopen. Als mensen inzien dat het
woud van grote waarde is, beschermen ze
het. Dan jagen ze stropers en
houthakkers weg uit het woud, hun
leefgebied. |
|